Stadsmuur Zwolle
Verdedigingswerken
De opkomst van de steden betekende dat de steden verdedigd moesten kunnen worden. In eerste instantie werden daarvoor aarden wallen met rijen palissaden opgeworpen. Al snel verschenen de eerste bakstenen stadsmuren met grachten en poorten. De uitvinding van het buskruit zorgde voor nieuwe verdedigingstechnieken: In de loop van de zestiende eeuw werden de steden voorzien van aarden wallen die beter bestand bleken tegen de uitwerking van het geschut. Het stelsel van de omwalling werd steeds verder ontwikkeld en in de zeventiende eeuw werd door Menno van Coehoorn het zogenaamde Nieuw-Nederlandse verdedigingsstelsel geïntroduceerd. De stad Naarden is daarvan een fraai voorbeeld: aarden wallen en bastions waarvan de buitenkant met metselwerk werd versterkt.
Na 1800 hadden de stedelijke verdedigingswerken hun tijd gehad. Men baseerde zich liever op de verdediging van grotere gebieden door het leggen van linies. Een bekende negentiende-eeuwse linie was de Nieuwe Hollandse Waterlinie, een 85 kilometer lange militaire verdedigingslinie, die zich uitstrekte van de voormalige Zuiderzee bij Muiden tot aan de Biesbosch, waardoor een doorgang tussen West-Nederland en de rest van het land onmogelijk werd gemaakt. Het gebied kon in geval van nood onder water worden gezet, niet diep, gemiddeld maar 40 cm, maar genoeg om het land verraderlijk en moeilijk begaanbaar te maken voor mensen, voertuigen of paarden. Tegelijkertijd was het te ondiep om per boot te bevaren. De natuurlijke verdedigingslinie was aangevuld met forten, kazematten, schuilplaatsen en de vestingsteden Muiden, Weesp, Naarden, Gorinchem en Woudrichem.
Door de eerder genoemde Vestingwet van 1874 werden veel verdedigingswerken rond de steden afgegraven en veranderd in plantsoenen of gewoon bebouwd. Een gevolg van de Vestingwet was ook de Stelling van Amsterdam, een groot en spectaculair project, waarvan de bouw van 1883 tot aan de Eerste Wereldoorlog duurde. Amsterdam als laatste wijkplaats voor het leger: zolang Amsterdam niet veroverd was, was Nederland niet veroverd. De Stelling van Amsterdam was een kring van forten, dijken en inundatiegebieden rondom de hoofdstad die de vijand buiten moest houden. De achtendertig nog bestaande forten ervan zijn nog steeds zichtbaar in het landschap.









