Woonhuizen
Woonhuizen vormen het grootste deel van alle monumenten in Nederland. Daaronder bevindt zich het oudst bekende woonhuis in Deventer met bouwsporen uit 1130, maar ook een flatgebouw als de Nirwanaflat in Den Haag uit 1930. Woonhuizen zijn er in alle soorten en maten en elke streek kent zijn eigen specifieke bouwstijl. De verscheidenheid in soorten strekt zich uit van de besloten romantische hofjes in menig oude stad tot de eenvoudige landarbeidershuisjes ergens op het platteland. Van grote welvaart getuigen de rijke patriciërshuizen met hun fraaie interieurs langs de stadsgrachten en de villawijken die naast rijkdom ook de wens tonen om in een parkachtige omgeving te wonen.
Woonhuizen laten de steeds veranderende woonopvattingen zien. Ideeën met betrekking tot stijl en uiterlijk, maar ook inzichten met betrekking tot gewenste gebruiksmogelijkheden en voortschrijdende techniek zorgden door de eeuwen heen voor een zich steeds veranderend beeld. Woonhuizen kunnen op allerlei manieren worden gerubriceerd. Bijvoorbeeld door te kijken naar de vorm van de gevelbeëindiging: een trapgevel, een tuitgevel, een klokgevel of een lijstgevel. Of door de nadruk te leggen op de bouwstijl, zoals renaissance, Hollands classicisme of Jugendstil. De industriële revolutie en vooral de Woningwet van 1901 brachten nieuwe woningtypen tot stand die vaak in grote aantallen bij elkaar staan: fabrieksarbeiderswijken, tuinsteden, villaparken en flatgebouwen. De functie van woonhuizen is meestal ongewijzigd gebleven.









