Verleden
Het gebouw is ontworpen door de architect Charles Weber die tot de Nederlandse kerkenbouwers van de neogotiek wordt gerekend. Hij ontwierp de kerk in een mengvorm tussen neoromaans en neogotiek. De kerk werd in 1890 gebouwd. De bouw kon worden gefinancierd uit de nalatenschap van twee parochianen, de dames Wilhelmina en Maria van Welie. De bouwpastoor, Wilhelmus Otten, kreeg het dringende advies van het bisdom om uit kostenoverwegingen te kiezen voor een sober ontwerp, maar Weber kwam slechts gedeeltelijk aan de wens van het bisdom tegemoet. Hij gaf het hele gebouw een rijzig ‘gotisch’ karakter. Bij de bouw van de toren in 1890 verzuimde men een palenfundering aan te brengen waardoor de toren al tijdens de bouw begon te verzakken. Nadat men een ingenieus rooster onder de toren had aangebracht bleken de kosten zover overschreden dat afbouw van de toren niet meer tot de mogelijkheden behoorde. Men besloot de toren te beëindigen op de hoogte van de nok van het kerkdak. Ook al is de buitenkant van de kerk tamelijk sober gehouden, des te opvallender is het rijke interieur. Opmerkelijk zijn de gemetselde biechtstoelen, waarvan er één nu als boeddhistisch altaar gebruikt wordt, en de door Weber ontworpen preekstoel.
Heden
Vandaag de dag dient de kerk als een boeddhistische tempel. Er zijn meditatielessen te volgen, oefeningen om je aandacht te verstillen en je geest te verhelderen volgens de traditionele Thaise Dhammakaya-meditatiemethode. Verder is een uitgebreide tentoonstelling met informatie over oefeningen en gebruiken in het Thaise boeddhisme, zoals het doen van goede karma, het eren van overleden dierbaren, enzovoort.