

De Noord-Nederlandse Republiek was officieel protestants. Theoretisch mocht het katholicisme er niet bestaan. De katholieken bevonden zich in een trieste minderwaardigheidspositie. Na de Franse Revolutie (1789), die de gelijkberechtiging bracht, moest bij de katholieken het besef dat zij evenveel betekenden als hun protestantse landgenoten nog wakker worden geschud. Bewoners zijn er in en rond Kockengen pas te vinden in de elfde en twaalfde eeuw, toen vanuit de Vechtstreek de ontginning van dit moerassige en ontoegankelijke land ter hand werd genomen. Vanuit Oucoop ging het naar Demmeric of Denemarc, Nieuwer Ter Aa, Kortrijk en Gieltjesdorp, dan nog verder oostwaarts naar Portengen en tenslotte naar de polders Spengen en Kockengen.