Commandeurshuis met aanbouw.
Dit commandeurshuis heeft een zadeldak tussen twee puntgevels. Binnen is de schouw tegen de gevel geplaatst, wat leidt tot een asymmetrische plaatsing van het zoldervenster. Boven dat venster zit een hijshaak. Aan de andere zijde van het schoorsteenkanaal bevindt zich op die hoogte een kleine lichtopening.
Dit huis komt het eerst voor op de kaart van Pieter de la Rive van 1731. Het is dan een dubbel dwarshuis aan de Oosterlaan. Later is het voorzien van een forse achterliggende schuur en staat het ingeschreven als eigendom van Gerben de Ruiter, landbouwer van beroep. In een kaart uit 1854 is de grote schuur verdwenen.
Tegenwoordig bestaat het huis uit twee delen: het hoofdhuis en een aanbouw. De precieze datering van die aanbouw is onbekend, maar zeker is dat die aanbouw niet voor 1811 gebouwd kan zijn, aangezien het gebruikte hout een “eindjaar” van 1811/1814 heeft en daarna voor de eerste keer is gebruikt. Het is onbekend of dit toen is gebruikt voor deze aanbouw.