Naast het klooster (vanaf 1652), achter de kerk, ligt een kerkhof waar overleden karmelieten en karmelietessen begraven worden. Behalve graven zijn er ook gedenkstenen, waarop de namen genoemd worden van de zusters en broeders die niet begraven liggen op dit kerkhof of op de kloosterbegraafplaats in Zenderen.
Het grote kruis op de begraafplaats wil een beeld zijn van hoop en vertrouwen. De Gekruisigde Heer is afgebeeld door een leeg omhulsel van stroken metaal en daarmee wordt zijn opstaan uit de dood verbeeld. Het toont de weg ten Leven waarin Hij mensen is voorgegaan is. Op alle graven staat een eenvoudig wit kruis. De kloosterlingen geloven dat ook voor de overledenen de dood niet het einde zal zijn, maar dat zij Leven bij God.