
Blokker ligt in een voormalig tuindersgebied dat, samen met de Betuwe, ooit tot de grootste van Nederland behoorde. De naam Bangert hangt samen met ‘boomgaard’, want boomgaarden trof je in dit voormalige tuindersgebied overal aan. Na 1900 is men in de Bangert kassen gaan bouwen om de inkomsten op de langgerekte smalle percelen te verhogen. In de hoogtij dagen hebben er zo’n 300 kassen in dit gebied gestaan.
De langgerekte dorpslinten van Blokker en Zwaag worden gekenmerkt door een grote verscheidenheid aan bebouwing. De stolpen zijn verbonden met de veeteelt, de tuinderswoningen met de fruit- en groentekwekerijen. De tuinderswoningen werden langs de linten gebouwd, achter op het perceel lagen de fruitkassen en de boomgaarden.
Deze typische tuinderswoning uit 1930 en bewaarschuur uit 1938 zijn gebouwd door aannemer Langereis met invloeden van de Amsterdamse School. Zowel boven de voor- als achtergevel herkenbaar aan de overstek. Boven de vensters en de portiek van het woonhuis zijn lateien van uitgewassen grindbeton aangebracht. De voordeur wordt aan de linkerkant geflankeerd door een smal ladderraam en de bovenlichten zijn beglaasd met glas in lood.
De laatst overgebleven druivenserre van West-Friesland is een zogenoemde ‘kniekas’ uit 1929 met een oppervlakte van 8 bij 40 meter. De kas heeft een betonnen voeting met daarop op regelmatige afstand geplaatste houten kniespanten voorzien van korte, schuin geplaatste onderbenen. De druivenranken worden tegen de wanden en het dak geleid met behulp van horizontale metaaldraden die aan de kniespanten bevestigd zijn. In de bewaarschuur werden op de begane grond appelen bewaard in kleine bakken. De zolder deed dienst als opslagruimte voor gereedschap zoals manden en ladders.
Opvallend is de 18,5 meter hoge ronde fabrieksschoorsteen met bijbehorend ketelhuis uit 1930. Hiermee werden de kassen van de tuindersbedrijven verwarmd. Beiden zijn in 2014 van de Kolenbergstraat naar dit perceel verplaatst zodat er een compleet beeld van een vooroorlogs glastuinbouwbedrijf ontstond. Ook de hoogstamboom met de blonde goudreinet linksvoor op het perceel, maakt deel uit van het gemeentelijk monument.
Het familiebedrijf zag na tachtig jaar een groot deel van hun perceel ingenomen worden door woningbouw. Eigenaar Annie Balk vertelt meer in dit filmpje.