

Deze kerk uit het einde van de 15e eeuw is een goed voorbeeld van de late gotiek, in Groningen niet zo rijk vertegenwoordigd. Karakteristiek zijn de grote (spitsboog) ramen en de hoge, krachtige steunberen. De 16e-eeuwse toren bevindt zich aan de zuidwestzijde van de kerk. In het gebouw ziet men links en rechts twee galerijen. Op de rechter (de oostelijke) staat tegenwoordig het orgel, dat in 1751 door de bekende orgelmaker A.A. Hinsch gebouwd is. Voor de preekstoel staat een koperen doopbekken uit 1719. De preekstoel zelf, in 1801 door de kistenmaker A. Bekenkamp uit Eekstra gemaakt, is versierd met allegorische vrouwenfiguren. De beide tribunes en de orgelkas zijn in 1934 gerestaureerd.
Toren bij de Dorpskerk Meeden,
De bijna twintig meter hoge toren bevindt zich vrij ver ten zuidwesten van de kerk en grenst aan het toegangspad naar de kerk en het kerkhof.
Het bijzonder interessante gebouw meet een kleine acht meter in het vierkant en is iets later gebouwd dan de kerk, zo rond 1500. Aan het begin van deze eeuw is het kleine open spitsje weggebroken en zijn de sluitgevels van het zadeldak vernieuwd. De muren zijn ongeveer 1.40 meter dik. Een holle waterlijst verdeelt de onversierde romp in twee geledingen. In de bovenste geleding bevinden zich de galmgaten.
Binnen in de toren zit op de begane grond een groot aantal nisjes met kepervormige bogen. Mogelijk heeft deze ruimte een liturgische functie gehad en waren de nisjes bedoeld voor het plaatsen van kaarsen. In de zuidmuur bevindt zich een haardplaats. Het gewelf is bij de laatste restauratie gereconstrueerd.
De verdieping was en is nog steeds alleen via een buitentrap toegankelijk. De ruimte zal ongetwijfeld als toevluchtsoord zijn gebruikt vanwege zijn verdedigbaar karakter.
Op de verdieping bevindt zich in de zuidmuur een grote spit gebogen nis met een kraalprofiel, die als haardplaats dienst heeft gedaan.