In 1578 werd hier een mouterij gevestigd. Een mouterij of moutfabriek is een fabriek waar mout wordt gemaakt van graankorrels, vooral gerst. De korrels worden in water geweekt zodat ze ontkiemen, waarna ze geëest worden. Dit proces heet mouten en het product wordt gebruikt voor bier, whisky en een aantal voedingsmiddelen.
Na de bedrijfsmatige functie kreeg het een kerkelijke functie. De mouterij werd eind 17e eeuw overgenomen door doopsgezinde ondernemers. Zij lieten het verbouwen tot kerk.
Tijdens de periode van de Republiek der Verenigde Nederlanden (1588-1795) werden andere geloven naast het officiële protestantse geloof gedoogd en aan de mouterij werd een zogenaamde “schuilkerk” bijgebouwd. Het gedogen hield in dat de kerk een flink eind vanaf de rooilijn moest staan. Niet zichtbaar vanaf de openbare weg en kerkgangers dienden met niet meer dan twee tegelijk de kerk te bezoeken.
Om te voorkomen dat de voormalige vermaning aan de Staat vervalt, wordt de Stichting De Mouterij opgericht, die de opdracht krijgt om de haalbaarheid van een restauratie te onderzoeken en het geld ervoor bij elkaar te krijgen. Een succesvolle aanpak, want een restauratie blijkt haalbaar te zijn. Op 24 mei 2019 vond de officiële ingebruikneming van De Mouterij plaats; het gebouw kreeg een culturele bestemming.