De Dorpskerk van Westmaas is een éénbeukige kerk met driezijdige sluiting. Bovenaan de westelijke toreningang is een steen met het jaartal 1650 en boven de kerkingang aan de noordmuur, zoals die tot voor de restauratie van 1968 dienst deed, is een steen met het jaartal 1650. De kerk is één van de eerste protestantse kerken die na de Reformatie gebouwd is. In 1968 is de kerk gerestaureerd, waarbij de kansel, die eerst tegen de oostmuur was geplaatst, naar de zuidmuur is gegaan. Vóór de restauratie waren er naast de kansel aan beide zijden kerkbanken geplaatst. Het geheel werd afgesloten met een doop- of koorhek. De ruimte tussen kansel en koorhek werd wel de ‘tuin’ van de kerk genoemd.
Tegen de noordmuur bevindt zich een gepolychromeerde cartouche waarop vermeld staat: Heijltien va Malssen end Antonius Groenewerf leggn aen dese kerkck den eersten steen den 22 maert Ao 1650. Verder zijn er aan de noordelijke muur versieringen aangebracht. De preekstoel dateert uit de bouwtijd (1650). Hieraan bevinden zich nog de koperen lezenaar, een kaarsenhouder, een zandloperhouder en een doopbekkenhouder. De ambachtsherenbank is in Lodewijk 16e (Louis Seize) stijl (eind 18e eeuw) en is na de restauratie onder het orgelfront geplaatst.
In de oostmuur van noord naar zuid bevinden zich drie ramen met in lood gevat gebrandschilderd glas. Deze ramen zijn voorzien van bijzonderheden over de toenmalige ambachtsheer. Op het middelste raam zijn wapens van diverse schouten en schepenen afgebeeld met het vroegere wapen van Westmaas en Greup. Het derde raam toont het wapen van de toenmalige predikant ds. Wijnstok die van 1748 – 1767 predikant in deze kerk was.
In de Dorpskerk van Westmaas is nog een vrij groot aantal grafstenen goed herkenbaar. In totaal liggen er 35 zerken waarvan de oudste dateert uit 1556.



