


Kerk (Speelklok): De Buurkerk ontstond in haar huidige vroeggotische vorm na de stadsbrand van 1279 als kruisbasiliek. De kerk was tot 1125 de enige kerk voor de Utrechtse burgerij: een zogenaamde parochiekerk. Door bevolkingsgroei volgden van 1434 tot 1553 meerdere uitbreidingen, waardoor een vijfbeukige hallenkerk ontstond. De bekendste middeleeuwse parochiaan was Suster Bertken, die zich 57 jaar liet inmetselen tot haar dood in 1514. In 1586 werd het koor afgebroken om doorgaand verkeer, inclusief veehandelaren, mogelijk te maken. Sinds 1984 huisvest de kerk Museum Speelklok. De museumruimten zijn zo gebouwd dat ze makkelijk weer weg te halen zijn, waardoor de oude kerk onaangetast blijft.
Toren: De 55 meter hoge toren, behorende bij de Buurkerk, stamt uit 1388. In de toren hingen van oudsher de kerkelijke en de stedelijke luidklokken. De belangrijkste klok was de Banklok, die luidde bij brand en storm en de bevolking bijeen riep voor de bekendmaking van vonnissen en raadsbesluiten. De kleine Waak- of Raadsklok luidde dagelijks wanneer de stadspoorten open en dicht gingen. Tegenwoordig is die traditie weer in ere hersteld door het Utrechts Klokkenluiders Gilde. Kijk goed naar de beeltenissen boven de ingang: boven de linkerdeur zijn figuren rond het stadswapen te zien, zij verbeelden het wereldlijk gezag. De musicerende engelen boven de rechterdeur verbeelden de hemel en verwijzen naar het goddelijke.