


In 1832 bouwt Joseph Berman op deze plek boerderij Heidenoord om van hieruit de heide te ontginnen. Koning Willem I verschaft hem een lening van 12.000 gulden om landbouwkundige proeven uit te voeren.
Heidenoord wordt in 1842 overgenomen door grootgrondbezitter Johannes Stoop. Hij breidt de boerderij, nu het bargedeelte van het pand, uit met een landbouwschool. De indeling van destijds met kleine kamers is nog herkenbaar in de voorgevel. De school blijkt geen rendabel idee.
Daarom volgt in 1861 een nieuwe uitbreiding in opdracht van het echtpaar Arnout de Beaufort en Aleida Stoop. Zij voegen een kerkzaal toe en verbouwen de school tot pastorie. Decennialang gaan hervormde inwoners van Austerlitz hier naar de kerk. Pas in 1984 krijgt de Nederlands Hervormde gemeente een eigen kerkgebouw in het dorp. De nazaten van De Beaufort en Stoop gaan daarop akkoord met een nieuwe bestemming voor de oude kerk langs de Woudenbergseweg. Het pand, veerkrachtig als altijd, transformeert opnieuw tot culturele ontmoetingsplek onder de naam Beauforthuis. Sinds 1988 is hier volop ruimte voor bijeenkomsten, bruiloften, partijen en optredens. Op zondag ben je welkom bij een gevarieerd cultureel programma.
Het Beauforthuis exploiteert enkele kilometers naar het oosten ook de Koepel van Stoop, een andere herinnering aan Johannes Stoop. Stoop laat in 1829 de zandbaan vanuit Zeist verharden tot de huidige Woudenbergseweg. Het idee is om ter hoogte van de Pyramide een buitenplaats te bouwen, maar gebrek aan water maakt dit plan onuitvoerbaar. Wel zet Stoop in 1838 een jachthuis en een koepel naar Romeinse voorbeeld neer. Vanaf de heuvel kan je in die jaren tot in de Betuwe kijken.
Speciaal voor de Open Monumentendagen heeft stadsdichter Jan-Paul Rosenberg zich laten inspireren door de omgeving van het Beauforthuis.
Silvatopia
I avond
Terwijl de avond kleuren uitspuugt in het al,
laat jonge duisternis zijn oergeluiden vallen.
In stilgevallen lucht soezen verstarde stammen.
Ik voeg een wolk toe aan het prille zwart.
Droomwit ontwaakt een baldakijn van sterren.
Ik volg het pad van schemervissers langs de grens
waarop zij hengelen naar ingekeerde elementen.
II nacht
Schip op het land is de verstilde nacht.
Het woud wijdt zachte geuren tot kompas.
Ik filter ongekende tekens uit het duisterland.
Met woorden vorm ik een geraamte voor gedachten.
Ik koester nalicht dat in mijn geheugen slaapt
en als een trouwe god over de leegte waakt.
De hemel overstemt het water met de maan.
III ochtend
Ik ben een spoor dat door de bossen gaat;
raak boom na boom in loof en wortels aan.
Op nevels draai ik mee in een herinnering
aan sprengen, vol verwilderd ochtendlicht.
De dauw zwachtelt het onland onder zon.
Er is een valwind rond de hemelboog getrokken.
Een vogel zingt een ode aan gestorven sterrenvolk.
Jan-Paul Rosenberg