

Het oorspronkelijke gemeenlandshuis van het Hoogheemraadschap van Rijnland in Spaarndam was het inmiddels verdwenen “Huis te Oosterwaal”. Rond 1600 stond dit huis nog bekend als woning van het bestuur, maar na 1728 werd het geleidelijk gesloopt. In 1641 verrees er, in de stijl van architect Pieter Post, een timmerhuis naast dit gemeenlandshuis: het huidige gemeenlandshuis.
In de afgelopen eeuwen diende het gemeenlandshuis incidenteel als vergaderplaats van het bestuur van Rijnland, meestal na inspectie van de dijk en de sluizen. Daarnaast had het pand vooral een belangrijke functie als woonhuis voor de opziener van Rijnland: bekende waterstaatkundigen als Cruquius, Brunings en Conrad hebben er gewoond. Daarnaast bood het pand ruimte voor een reparatiewerkplaats en opslag van dijkmaterialen. Deze locatie was geen toeval: vlak bij de kwetsbare Spaarndammerdijk, de zwakste schakel in de zeewering, moest het hoogheemraadschap kunnen beschikken over materialen en werklieden die bij stormweer onmiddellijk ter plaatse waren.
Een bijzonder detail is het luiklokje op het dak, met het jaartal 1524. Dit klokje riep bij dreigend overstromingsgevaar het zogenaamde dijkleger op. Na de afsluiting van het IJ in 1872 en de aanleg van het Noordzeekanaal in 1876 verdween het directe gevaar van het water, waardoor het klokje niet meer hoefde te luiden.
Tijdens Open Monumentendag stelt Rijnland eenmalig de deuren van het woonhuis open voor het publiek: een unieke kans om een kijkje te nemen in het woonhuis, dat normaal gesproken niet toegankelijk is voor bezoekers.