Aan de Kapelstraat 63 in Emmen staat een bijzondere kerk: de Kapelkerk. Dit gebouw is al meer dan 100 jaar een plek van geloof, muziek en geschiedenis. De kerk is gebouwd in 1923 en sinds 1998 is het een rijksmonument.
In de negentiende eeuw was er al een klein kerkje in Emmen: het ‘witte kerkje’ aan de Sterrenkamp, gebouwd in 1868. Dit was eigendom van de Nederlands Hervormde Evangelisatie Vereniging. Door de groei van de gemeenschap werd deze kerk te klein. Daarom werd besloten om een nieuwe kerk te bouwen aan de Kapelstraat. Dit plan werd in 1923 uitgevoerd. De architecten Jan en Theo Stuivinga uit Zeist maakten het ontwerp voor de nieuwe kerk die in 1924 officieel in gebruik werd genomen. De kerk is gebouwd in een zogenaamde traditionalistische stijl. De Hervormde Kapel is gebouwd in traditionalistische stijl. Deze stijl gebruikt klassieke vormen en materialen, met oog voor eenvoud en vakmanschap. In deze kerk zie je dat terug in het gebruik van baksteen, het zadeldak met dakpannen, hoge ramen met kleine ruitjes en een portiek met spitsbogen. Een opvallend detail is de gemetselde speklaag in de voorgevel. Dit is een een lichte steenlaag die afwijkt van de rest van de gevel. Ook het vlechtwerk in de voorgevel past bij deze stijl.
De kerk
De Hervormde Kapel is een zaalkerk. Dat betekent dat het gebouw uit één grote ruimte bestaat, zonder zijbeuken. De kerk bestaat uit zeven traveeën. Dit zijn vakken tussen steunberen (de uitstekende muurdelen aan de zijkant van de kerk die extra stevigheid geven). Opvallend is de toren die schuin achter het gebouw staat. Deze is vierkant en loopt aan de bovenkant iets uit. Er zijn ook waterspuwers op de hoeken te zien.
Aan de voorkant van de kerk is een grote ingang met een trap en een bordes. Boven de deur zit een hoog raam met drie delen. In het metselwerk zijn decoratieve vormen te zien, zoals vlechtwerk en de speklaag. Aan de zijkanten van de kerk zitten hoge ramen die tot boven het dak uitsteken.
Ook is er een consistoriekamer aan de kerk vast gebouwd. Hier kwamen vroeger de kerkenraadsleden bij elkaar. Deze ruimte heeft kleine ramen met roedeverdeling, typisch voor de bouwstijl van toen.
In 1951 werd de kerk uitgebreid. Er kwam een narthex (een voorruimte) en een extra travee bij. Deze uitbreiding werd opnieuw ontworpen door de architecten Stuivinga, samen met architect Van der Horst. Zo kreeg de kerk meer ruimte voor de groeiende groep kerkgangers.
Het interieur
Binnen is de kerk goed bewaard gebleven. De houten dakconstructie is nog in originele staat, net als de preekstoel en de kerkbanken. De vloer loopt een beetje schuin af, zodat iedereen goed zicht heeft op de preekstoel.
Achterin de kerk, aan de zuidzijde, is een balkon met een modern tochtportaal. Het huidige orgel boven de preekstoel is in 1961 geplaatst. Het eerdere orgel uit 1926 was niet meer goed bruikbaar.
Een muzikale geschiedenis
De Kapelkerk heeft een rijke muziekgeschiedenis. Al in 1900 werd een Amerikaans harmonium geschonken aan de oude kerk. In de jaren daarna volgden meerdere instrumenten, concerten en organisten.
In 1926 plaatste orgelbouwer A. Standaart een groot nieuw pijporgel in de kerk. Dit orgel werd op feestelijke wijze in gebruik genomen. Er waren concerten, onder meer door het Kapelkoor en bekende musici uit de regio. In de loop der jaren vonden er veel bijzondere optredens plaats in de kerk.
Na de Tweede Wereldoorlog bleek het orgel versleten. In de jaren ’50 werd er gezocht naar een oplossing. Uiteindelijk bouwde Verschueren Orgelbouw in 1961 een nieuw tweeklaviers orgel met pedaal. Het werd op 2 juni 1961 in gebruik genomen. Dit orgel wordt nog steeds gebruikt en is een belangrijk onderdeel van de kerk.