De Oude Kerk in Spaarndam is een bakstenen zaalkerkje uit 1627. De plattegrond van de kerk heeft de vorm van een langgerekte achthoek. Vanwege ruimtegebrek werd de kerk in 1663 vergroot met een nieuwe vleugel, een noorderdwarsarm.
Het interieur kenmerkt zich door een houten tongewelf, een eikenhouten preekstoel en dooptuin uit 1665, een balustradeorgel uit 1760 en twee laat 18e -eeuwse scheepsmodellen.
Dat de geschiedenis van de Oude Kerk door de eeuwen heen is vervlochten met die van het waterschap Rijnland blijkt ondermeer uit de Rijnlandbank. Opvallend is het graf van de beroemde landmeter, candidatus medicinae, toeziener van Rijnland, schout van Spaarndam en vooral bekend door zijn plannen tot drooglegging van de Haarlemmermeer: Nicolaus Samuelis Cruquius (overleden in 1754).
De dooptuin is een door een doophek omgeven ruimte rond de preekstoel in Nederlandse protestantse kerken. Hier wordt de doop bediend. Tot in de twintigste eeuw maakte de dooptuin een standaardonderdeel uit van de inrichting van de kerken. Sinds 1969 is het gebouw een rijksmonument. Naast de kerk bevindt zich een klein kerkhof.