De toren is inmiddels zo’n 575 jaar oud. Men neemt aan dat de kerk in 1450 in gebruik is genomen nadat men er 50 jaar aan gebouwd.
Ter illustratie: als ze aan de toren bouwen, duurt het nog zo’n 200 jaar voordat Rembrandt wordt geboren (1606). Hendrik de 8e wordt in 1491 geboren, toen stond de toren al. Davinci wordt geboren in 1452, kort nadat de kerk in gebruik zou zijn genomen. De Gouden Eeuw duurt ook nog zo’n tweehonderd jaar. Maar de vijftiende eeuw geldt als de gouden eeuw van Brabant. Er kwam meer handel met het midden oosten en het ging hier economisch voor de wind. Er werd meer grond ontgonnen en de kerk kreeg ook steeds meer macht. Daarom werden er op veel plekken stenen kerken gebouwd. We weten dat in 1435 Duizel 44 haarden telde. Er was, voor zover bekend uit de archieven, al zo’n 100 jaar een parochie. De huizen toen bestonden uit leem, twijgen, hout. De kerk idem. Waar de laatste houten kerk heeft gestaan, is niet bekend, maar men vermoedt ook hier.
Deze toren is, gezien de torens in de omgeving, klein, maar wel zeer bijzonder door de metseltekens. Er staan in de regio meer torens. Deze moesten van de gemeente blijven staan, omdat er klokken in zitten en deze in tijd van nood gebruikt moesten worden. Het oorspronkelijke uurwerk werd in 1922 vervangen door het bedrijf “M. van de Kerkhof & Zonen Uurwerken en Klokkenfabriek” uit Aarle-Rixtel. Dit mechanische uurwerk werd in 1966 weer vervangen door een electrisch aangedreven uurwerk dat zich nu nog in de oude toren bevindt. In 2021 werd het oude mechanische uurwerk gerestaureerd en is nu te bezichtigen in de voormalige kerk in Duizel, nu Het Duysels Huys genoemd.
Wat feiten over de oorspronkelijke oude aangebouwde kerk:
Het schip van de kerk was 13.80 meter lang en 8.16 meter breed. Het priesterkoor, dat smaller was dan het schip, was 9 meter lang, zodat de kerk in totaal 22.80 meter lang was. Oorspronkelijk was de ingang van de kerk aan de noordzijde (rechts van de ingang oude toren), dus niet door de toren. Zoals gebruikelijk werd er in de kerk begraven. In het priesterkoor lag de grafzerk van Lucas van Eyck en zijn beide vrouwen. Hij was de zoon van Henrick van Eyck, die ten tijde van deze kerk in een kasteel in de Groenstraat woonde en de stichter was van de Mariakapel in Eersel. In 1937 zijn de fundamenten van de kerk opgeruimd. Toen kwamen ze om de meter een doodshoofd tegen.
De stijl van de kerk was Kempense gotiek. Het is een heel eenvoudige variant van de gothiek. De profielen en sierlijsten bij ramen en deuren bijvoorbeeld werden niet in natuursteen aangebracht want dat was hier niet voorhanden. Ze bakten stenen zo dat men hetzelfde resultaat kreeg.
Voor de speciale metseltekens aan de buitenkant van de oude toren is nooit een verklaring gevonden. Zo zie je onder andere maalkruisen op diverse plekken, maar ook een kasteeltoren, een zeer zeldzaam metselteken. Om de tekens te kunnen begrijpen, moet je het leven in de Middeleeuwen en de middeleeuwse symboliek snappen.
In de toren staat een eikenhouten klokkenstoel met drie jukken, rechte houten luidassen met verhoogstukken en luidarmen. De stoel is voorzien van gehakte merken en gedateerd: ANNO 1741.