
In 1853 werd onder leiding van architect G. Gradussen uit Winssen begonnen met de bouw van deze kerk. De kerk is een zogeheten Waterstaatskerk. De oude, oorspronkelijke laatmiddeleeuwse kerk werd afgebroken, al zijn een paar elementen bewaard gebleven waaronder de toren. Daar zijn restanten van de twaalfde-eeuwse romaanse tufstenen onderbouw nog te zien. De Sint Antonius Abtkerk is een blauwdruk van een Waterstaatskerk, met haar kenmerkende stijl. In 1936 zijn uitbouwen aan weerszijden van het koor met nevenkoortjes toegevoegd. Dit werd gedaan door de Nijmeegse architect H.C. van de Leur, die ook de kerk van Woezik bouwde. De Sint Antonius Abtkerk staat bekend om zijn fraaie en waardevolle interieur en orgel. Zo zijn er vier biechtstoelen uit circa 1853-1855, veertien kruiswegstaties geschonken door baron d’Osy en een preekstoel uit 1899. Het orgel is gemaakt door de firma Gradussen, directe familie van bovengenoemde architect, en in 1889 geplaatst. De inventaris, hoofdzakelijk in neorenaissance- en neobarokstijl geeft samen met de architectonische context een goed beeld van een katholiek kerkinterieur uit de tweede helft van de negentiende eeuw.