Open Monumentendag 2019: Plekken van plezier


De BankGiro Loterij Open Monumentendag heeft in 2019 als landelijk thema Plekken van plezier.

Hoe hebben mensen zich in de loop der eeuwen vermaakt, en welke monumenten zijn daarvoor het decor of het podium geweest? Met het thema Plekken van plezier sluiten we aan bij het actuele thema van de European Heritage Days 2019: Arts and Entertainment. Open Monumentendag is onderdeel van deze Europese monumentendagen.

Het thema van dit jaar gaat over de plekken waar mensen voor en mét plezier naartoe gingen en gaan. Of dat nu het theater, de dierentuin, het museum, een park, een sportclub of een hotel is, het barst in ons land van de monumenten van ontspanning, vermaak, plezier en vrije tijd. Binnen deze plezierige monumenten onderscheiden we vijf categorieën: de podiumkunsten, de museale kunsten, sport en spel, horeca en recreatie. Het draait in dit thema om de amusementswaarde van monumenten.

1. Podiumkunsten

Podiumkunsten gaan heel ver terug: in de religieuze riten van de vroegste samenlevingen liggen de wortels van het theater. Het volk moest het lange tijd doen met jaarmarkten en kermissen, maar in de zeventiende eeuw kwam dan eindelijk het allereerste theater in Nederland; dit dateert van 1637 en stond in Amsterdam, aan de Keizersgracht. De Leidse Schouwburg uit 1705 is het oudste nog bestaande theater in Nederland. Ook concertzalen volgden, en vanaf de negentiende eeuw schoten de schouwburgen, theaters en concertzalen als champignonnen omhoog. De ontwikkeling van de techniek heeft de afgelopen decennia letterlijk iedereen in aanraking met de podiumkunsten gebracht: radio, televisie, computer en smart devices, de massamedia, stellen de mens in staat overal en altijd aan zijn cultureel gerief te komen. Je hoeft je huis er niet meer voor uit te komen. Dat maakt anno 2019 het bezoek aan een concertzaal, operahuis of balletzaal voor veel mensen nog altijd iets bijzonders. De monumenten die onder podiumkunsten vallen zijn overal te vinden: (openlucht)theaters, muziektenten, concertzalen, schouwburgen, bioscopen, gehoorzalen, (dorps)pleinen en ook kerken.

2. Museale kunsten 

Museale kunsten zijn feitelijk ook eeuwenoud. Al ver voor onze jaartelling waren er mouseia in Griekenland, plekken waar allerlei zaken uitgestald lagen om bestudeerd te worden – pas later hadden musea ook een vermaakfunctie. In de vijftiende en zestiende eeuw zijn het vorsten als Karel V die grote Kunst- und Wunderkammers inrichten waarin ze schatten bijeenbrengen vanuit alle delen van de wereld. Cultureel erfgoed wordt in de renaissance langzamerhand steeds meer beschouwd als een publieke zaak, kortom iets dat toegankelijk zou moeten zijn voor iedereen. Het ontstaan van het museum zoals wij dat nu kennen laat dan ook niet lang meer op zich wachten. Het oudste museum van Nederland is het Teylers Museum in Haarlem. Naast musea zijn kunstzalen, oudheidskamers, galerieën, beeldentuinen en paleizen ook monumenten die het podium zijn voor museale kunsten.

3. Sport en spel

Sport en spel is van alle tijden. Natuurlijk staan de oude Grieken bekend als sportfanaten, maar de geschiedenis van sport en spel gaat nog veel verder terug. Zo staan boksers voor het eerst afgebeeld op een houtsnede uit de vroege Bronstijd – dat is bijna 5000 jaar geleden. Ook verschillende bordspellen, zoals triktrak, zijn al zo oud. Overal in Europa zijn overblijfselen te vinden van sportgebouwen uit de oudheid, ook in Nederland. In Nijmegen zijn bijvoorbeeld de stenen fundamenten van een amphitheater gevonden. Ook in de middeleeuwen en de eeuwen erna hebben mensen zich uitgebreid vermaakt met sport en spel. Oudnederlandse spelen als kaatsen zijn een mooi voorbeeld daarvan, op verschillende plekken in Nederland zijn dan ook monumentale kaatsbanen te vinden. Sport en spel zijn in onze eenentwintigste-eeuwse samenleving belangrijker dan ooit geworden, de best bekeken tv-uitzendingen zijn steevast finales van grote voetbaltoernooien of evenementen als de Olympische Spelen of de Tour de France. Wat betreft monumenten die aan sport en spel zijn gerelateerd kun je denken aan stadions, zwembaden, boothuizen, club-en verenigingshuizen, jachthuizen, kaatsbanen en maneges.

4. Horeca

Horeca vormt een volgende categorie van plezierige plekken. Zodra men begon te reizen, ontstonden er herbergen om in te overnachten, te eten en te drinken. In de steden zijn herbergen bovendien de plaats waar kluchtige toneelstukken worden opgevoerd. Kunstenmakers, redenaars en muzikanten treden er op, marskramers verkopen er hun zeldzame en kostbare waren, reizigers brengen er vers nieuws uit verre oorden. Vaak is er ook een kaats- of kolfbaan in of bij de herberg te vinden. En net als in Pompeï en Rome kunnen mannen er soms – tegen betaling – ook gebruik maken van de diensten van meisjes van plezier – zo was een herberg soms ook een pikante plek van plezier. De term ‘café’ refereert natuurlijk aan het gebruik om ergens koffie te drinken. Die gewoonte stamt uit het midden van de zeventiende eeuw, en was aanvankelijk voorbehouden aan de elite. Het volk ging naar de kroeg om bier te drinken. Als vanaf de negentiende eeuw de welvaart in Europa toeneemt, stijgt daarmee ook de reislust van mensen. Ook de invoering van een kortere werkweek en vakantiedagen en de toename van vervoermiddelen dragen daaraan bij. Na de Tweede Wereldoorlog explodeert het toerisme. Monumenten die bij deze categorie horen zijn naast herbergen natuurlijk hotels, restaurants en cafés maar ook kloosters waarin veel overnacht werd, logementen en sociëteiten waar men kwam om zich al drinkend samen te vermaken.

5. Recreatie

Recreatie is de laatste categorie die we onderscheiden binnen Plekken van plezier. Cultureel erfgoed wordt door veel mensen vereenzelvigd met gebouwen, met stenen, maar ‘groen’ maakt net zo goed deel uit van dat erfgoed, zo vindt bijzonder hoogleraar Cultuur, Landschap en Natuur Erik de Jong. Veel mensen brengen graag buiten hun vrije tijd door, en komen daarbij bewust of onbewust vaak terecht op monumentale plekken. Onder monumentaal groen kan vallen een hortus botanicus, het stadspark, de heemtuin, de moestuin, het hofje, het arboretum of bomentuin, de kloostertuin, de dierentuin, en de volkstuin, de speeltuin. Nederland beschikt over verschillende recreatieve plekken die van monumentale waarde zijn of zelfs officieel rijksmonument. Naast groene plekken zijn er ook andere recreatieve plekken van plezier die monumentale waarde hebben: follies en kermissen zijn eeuwenoud, later gevolgd door talloze recreatieparken en pretparken. Ook wandelroutes en pelgrimspaden passen goed binnen de categorie recreatie.

Een levendige editie!

Het moge duidelijk zijn dat dit vrolijke thema volop gelegenheid biedt voor het organiseren van allerlei vermakelijke activiteiten in de monumenten, waaronder bijvoorbeeld diverse vormen van levende kunsten als zang, dans, muziek en theater. Open Monumentendag 2019 belooft een levendige editie te worden, die de zintuigen op alle mogelijke manieren kan prikkelen: luisteren naar muziek, kijken naar een voorstelling, proeven van eten en drinken, en opsnuiven van de buitenlucht in monumentaal groen.

Stadspark Sittard © Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed

Hotel Spaander © Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed

Openluchtzwembad Zwolle © Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed

 

Stuur mij de nieuwsbrief

De Sleutel, digitale nieuwsbrief van Stichting Open Monumentendag
  • Abonneer u gratis op de digitale nieuwsbrief en blijf op de hoogte! Lees meer »