Rond 1765 werden twee middeleeuwse panden samengevoegd achter een nieuwe Louis XV-gevel (rococo). Het interieur kreeg een rijkversierde bordestrap en decoratieve stucplafonds. Na gebruik door Diaconessenhuis ‘De Wijk’ en de muziekschool is het nu een opleidingsinstituut. De kelders zijn recent toegankelijk gemaakt en lopen door onder de belendende panden.
De vroegste vermeldingen van bebouwing op deze plek dateren uit 1467 en 1495. Tot ongeveer 1765 stonden hier twee panden, in een waarvan Dirck Cornelisz. Van Reynegom (1504-1584) heeft gewoond. Hij was lid van de vroedschap, kerkmeester, bierbrouwer, tollenaar, kortom een rijke Gouwenaar met aanzien. Hij was katholiek en aanhanger van de Spaanse koning Filips II. Hij werd beschuldigd van samenzwering om de stad, in 1572 overgegaan naar de kant van de Prins van Oranje, weer in handen van de Spanjaarden te geven. Hij werd veroordeeld tot gevangenisstraf en verbanning uit de stad. Later werd hem door de prins van Oranje gratie verleend. Van Reynegom is begraven in de Sint-Janskerk.
Rond 1765 zijn beide panden verenigd tot één woonhuis in Lodewijk XV-stijl achter een nieuwe, imposante gevel. Het interieur kreeg een rijk versierde bordestrap en decoratief geprofileerde stuc-plafonds. Het pand is onderkelderd met diverse grote keldergewelven op stahoogte, mogelijk gebruikt voor de opslag van bier. Nadat de gemeente het gebouw in 1900 in handen kreeg, is het gebruikt als muziekschool en als ziekenhuis. Tegenwoordig is er een opleidingsinstituut in gevestigd.