
Het Leidsch Dagblad werd in 1860 opgericht door uitgever en drukker Albertus Willem Sijthoff. De krant was eerst gehuisvest in het pand van Sijthoff aan de Doezastraat. In opdracht van de zoon van de oprichter is in 1916/1917 het kantoorgebouw aan de Witte Singel gebouwd. De opdracht ging naar de later beroemd geworden architect Willem Dudok, toen nog plaatsvervangend directeur van Gemeentewerken Leiden. Het gebouw is opgetrokken in een aan de Amsterdamse School verwante bouwstijl. Dat is te zien aan de baksteenornamenten en het siersmeedwerk. In samenwerking met beeldhouwer en keramist W.C. Brouwer stelde Dudok een op het nieuws toegespitst beeldprogramma samen. Naast de ingang zijn de sprekende mens en de lezende mens zichtbaar, symbool voor de journalist en zijn lezers. Aan de kant van de Rijn- en Schiekade zijn hanen herkenbaar, die het nieuws verkondigen. Ook de glas-in-loodramen naast de ingang hebben een relatie met het krantenbedrijf: ze verbeelden het nieuws, de advertentie en de kritiek. De krant verhuisde 1994 naar Rooseveldtstraat en het pand werd verbouwd met als doel de nalatenschap van Dudok in oude luister te herstellen, tot en met de originele kleuren van het interieur: wit, olijfgroen en mosterdgeel. Sinds 2000 is het monument in gebruik als zittingsplaats van de rechterlijke macht. / BB