


Leiden was begin 20e eeuw een echte industriestad geworden. Rondom de toen nog niet gedempte Langegracht stonden verschillende fabrieken, zoals de laken- en wollenstoffenfabriek van Krantz, de Lichtfabriek en de Gasfabriek. Op het terrein direct naast de Gasfabriek werd in 1913 een vuilverbranding gebouwd. Deze locatie was bewust gekozen om de warmte die vrijkwam te benutten voor elektriciteitsopwekking.
Het gebouw is ontworpen door architect Johan Rückert en afgebouwd onder supervisie van W.M. Dudok, destijds plaatsvervangend directeur van Gemeentewerken in Leiden. Het gebouw kan zeker niet als een ‘echte Dudok’ gelden, zoals het gebouw van het Leidsch Dagblad aan de Witte Singel. De architectuur en het materiaalgebruik zijn typerend voor de fabrieksbouw uit het begin van de 20e eeuw. Het is een functioneel gebouw met enkele decoratieve elementen, zoals siermetselwerk onder de daklijst, het gebruik van natuursteen en groen geglazuurde baksteentjes.
De vuilverbranding sloot al in 1929 vanwege capaciteitsproblemen en stankoverlast. In 1954 werd het pand verbouwd tot schakelhuis van de energiecentrale. Sinds 2017 houden twee jonge ambachtelijke bedrijven het pand levend: de steenhouwers van BamBam en de bierbrouwers van Brouwerij Pronck. /IR